idolen-die-boven-mijn-bed-hangen De legende van de gouden beer
de legende van de gouden beer -2

Boven mijn bed hangen twee posters waarop deze grootheden mij vriendelijk aankijken. Van Elvis heb ik alle hits op schijf staan. Hij was en is mijn grote liefde. Hij zag er stoer en mannelijk uit maar hij had ook zeer duidelijk een vrouwelijke kant. Een gevoelig liefdeslied als Love me tender bezorgt mij nog altijd zachtaardige kriebeltjes in mijn buik. Ik stel mij soms voor dat ik zijn moeder Gladys ben en dat hij als jongeman bij mij in bed slaapt precies zoals die twee dat deden als hun man en vader wekenlang, als arbeider in de vreemde, van huis was. En dan voel ik net als Gladys een onstuimige moederliefde door mijn vrouwelijke volheid vloeien die bol staat van tederheid en ondefinieerbare stroomstootjes.   


Van en over Albert Einstein bezit ik verschillende boeken die ik vast nog wel eens ga lezen. Ik bewonder vooral zijn mannelijke rekenkracht en nuchterheid hoewel hij ook wel een beetje een knuffelbeertje was. Zijn erudiete persoonlijkheid heb ik van nabij leren kennen via de Gouden Beer. Die heeft in de loop der jaren vele weetjes en geheimen over en uit het universum aan mij geopenbaard. Zoals het feit dat onze zon maar een dwergje is ten opzichte van een deel van de miljoenen andere zonnen in het universum waarvan sommigen vele malen groter zijn. En ook dat onze zon eens zal doven en imploderen waardoor het leven op aarde uitsterft hetgeen niet echt erg is omdat er dan toch niemand overblijft die het kan navertellen.


Toen ik deze beer  in mijn kinderjaren voor het eerst ontmoette ging ik er vanuit dat ik droomde. Zo’n verschijning kan niet echt zijn. Dat dacht ik tenminste. Maar inmiddels weet ik dat het bestaan van lichtgevende  wezens zoals de Gouden Beer op wetenschappelijke wijze aantoonbaar is. Net zoals bij radiogolven en röntgenstraling het geval is. Je ziet het niet maar het is er wel. En de Bijbel laat er trouwens ook geen twijfel over bestaan. Visoenen en verschijningen bij de vleet. Dus daar hoeven wij hier verder niet al te moeilijk over te doen.


Deze flexibele beer, die zelf geen tijd en ook geen begin of einde kent, leerde mij dat er geen verschil bestaat tussen de quantumrealiteit van atomen en higgsdeeltjes die door hedendaagse wetenschappers wordt bestudeerd en de verborgen werkelijkheid van waaruit Gods schepping is ontstaan. Compleet met De Hof van Eden, zwarte gaten, Aliens, maan en sterren, fruitvliegjes en ook wij dus. De diepste scheppingsbron is over en weer de zelfde. Het is een universele kracht van waaruit alles tevoorschijn is gekomen en nog steeds ook komt. Alles wat wij als mensen kennen. Daar is volgens de Gouden Beer geen speld tussen te krijgen en ik geloof hem inmiddels op zijn woord. Het wezenskenmerk van alles wat bestaat is Het Verenigd Veld dat uit onuitputtelijke nulpunt-energie bestaat en dat wereldwijd Prana, Chi en ook wel Heilige Geest wordt genoemd.


Van deze tijdloze beer hoorde ik (even een aardig weetje er tussendoor) dat de heer Einstein, toen hij nog slechts een doodnormaal hoogbegaafd rotjochie was, allerlei verwarrende formules en diagrammen op schuttingen en schoolmuren kalkte. Hij kende toen waarschijnlijk al het verschil tussen graffiti en gravity maar kon dat nog niet onder woorden brengen. Zijn uitingsdrift werd vanzelfsprekend niet op prijs gesteld door de eigenaren van al deze schuttingen en muren en zeker ook niet door zijn ouders die telkens voor de schoonmaakkosten moesten opdraaien waardoor zij een flink deel van hun spaargeld kwijtraakten.


Nadat Albert jaren later wereldberoemd was geworden als een pijp rokende violist nam zijn geldingsdrang af maar kalligrafeerde hij  vrijwel dagelijks zijn handtekening in de poëziealbums van vele smachtende bewonderaarsters met wie hij vervolgens op welwillende wijze kookboek-informatica en exclusieve quark-recepten uitwisselde. Albert hield van lekker eten en hij was de eerste wetenschapper ter wereld die niet alleen op het belang, maar ook op de gevaren van E nummers wees. Albert Einstein was een genie.


Naast de twee posters van mijn mannelijke idolen beschik ik over een schriftje waarin ik de namen van mijn vrouwelijke rolmodellen heb genoteerd. Dat zijn Oprah Winfrey, Madonna, Lady Di,  Alice van Hessen en in afgeleide vorm ook Katrien Duck. Stuk voor stuk zijn dat vrouwen die mij op verschillende manieren geïnspireerd hebben en die ik bewonder omdat zij hun vrouwelijke kant nooit onder stoelen of banken steken of gestoken hebben terwijl zij toch ook hun mannetje stonden en dat in drie gevallen nog steeds doen. Ik heb mij in hun levens verdiept en ik kon het niet laten om ook iets over hen te schrijven. Een opstel of een essaytje op zijn tijd moet kunnen. Dat komt dus nog.

Ik koester in mijn leven twee mannelijke idolen terwijl ik daarnaast vijf vrouwelijke rolmodellen vereer en bewonder. Het evenwicht is een beetje zoek maar ik heb blijkbaar aan twee mannelijke helden genoeg. De heren die ik eigenhandig op een voetstuk heb geplaatst zijn Albert Einstein en Elvis Presley. Beide beroemdheden zijn al een hele tijd dood en dat is wel fijn omdat ik daardoor vrijelijk allerlei gevoelens op hen kan projecteren. Zij zijn als mannen niet meer in staat om welke vrouw dan ook teleur te stellen en dus zelfs mij niet.Een hele geruststelling.

Mag ik jou een mailtje sturen als mijn boek (bijna) klaar is?

* indicates required